Heermoes, Equisetum arvense
Beschrijving over heermoes
Heermoes heeft een zeer snel groeiende wortelstok die zich diep in de grond boort. Daaruit ontwikkelen zich vroeg in het voorjaar lichtbruime vruchtbare stengels met knotsvormige roodachtige sporendragers van 3 cm lang. Daarna komen groene onvruchtbare stengels van 10 to 30 cm, met daar omheen bladloze zijtakken die in kransen staan en stijf omhoogsteken. Het kruid heermoes (in het latijns Equisetum arvense) komt uit de kruidenfamilie paardenstaartenfamilie (Equisetaceae). Heermoes komt ook voor onder de naam: akkerpest, naaldekoker, roobol, akkerpaardenstaart, kattenstaart, unjer.
Waar wordt heermoes gevonden?
Heermoes en andere wilde paardestaarten vindt men in vochtige gematigde klimaten in de buurt van water, liefst in drassige grond, in akkergeulen, langs wegen en tussen het gras.
Oorsprong heermoes
Paardestaarten stammen, zonder van gedaante te zijn veranderd, uit de voorhistorische vochtige wouden die later tot kool versteend zijn.
Hoe kun je heermoes kweken?
Heermoes vermeerderd zich door sporen.
Bewaren van heermoes
In de lente de hele plant inzamelen en te drogen leggen.
Eigenschappen van heermoes
De stengel, vooral de schil, bevat veel kiezelzuur, bitterstoffen en zouten; hierdoor is de smaak zilt en een beetje wrang.
Meer kruiden uit de paardenstaartenfamilie