Moerasspirea, Filipendula ulmaria
Beschrijving over moerasspirea
De rossige stijve stengel is 1 meter hoog en heeft geveerde bladeren en een blad aan het eind van de steel. Onder elk paar bladeren zitten twee kleine blaadjes verscholen.
Van juni tot augustus bloeien roomwitte bloempjes in stervormige trossen. Het kruid moerasspirea (in het latijns Filipendula ulmaria) komt uit de kruidenfamilie rozenfamilie (Rosaceae). Moerasspirea komt ook voor onder de naam: geitebaardkruid.
Waar wordt moerasspirea gevonden?
In Nederland langs sloten, tussen riet en in vochtige bossen, meestal in bosjes bij elkaar.
Oorsprong moerasspirea
Geheel Europa en Noord-Azië.
Hoe kun je moerasspirea kweken?
Vermeerderen vindt plaats doot worteldeling.
Bewaren van moerasspirea
De wortels, de bladeren en de bloemen kunnen gedroogd worden.
Eigenschappen van moerasspirea
De zoete bloemengeur is bedwelmend en lijkt iets op honing met amandelen. De geur van de bladeren is frisser, maar als ze drogen komt er cumarine vrij en gaan ze naar vers hooi ruiken. Cumarine komt ook voor in honingklaver, lievevrouwebedstro en sommige grassen en werd vóór 1960 als smaakstof gebruikt, tot bleek dat het een licht cumulatiegif is. De wortels en ook de bloemen bevatten salicylzuur, dat gebruikt wordt bij de fabrikage van aspirine. De hele plant heeft een adstringerende werking.
Meer kruiden uit de rozenfamilie