Grote engelwotel, Angelica archangelica
Beschrijving over grote engelwotel
De tweejarige 2 meter hoge tuinplant en de wilde plant lijken precies op elkaar, maar de gekweekte plant is veel aromatischer. De gestreepte holle stengels dragen grote, diep ingesneden bladeren.
De schermbloempjes bloeien vanaf de vroege zomer en zijn roze in het wild en gelig-groen bij de tuinplant. Ze ruiken mierzoet. Het kruid grote engelwotel (in het latijns Angelica archangelica) komt uit de kruidenfamilie schermbloemenfamilie (Umbelliferae). Grote engelwotel komt ook voor onder de naam: angelica, aartsengelwortel.
Waar wordt grote engelwotel gevonden?
In Nederland gekweekt, ook als tuinplant.
Oorsprong grote engelwotel
Hoog-noordelijke op vochtige schaduwplaatsen in IJsland, Lapland en Rusland groeit de gewone engelwortel (Angelica sylvestris), waaruit de grote engelwortel gekweekt is.
Hoe kun je grote engelwotel kweken?
Grote engelwortel vermeerderen door zaaien; gebruik vers zaad in ondiepe geultjes in de nazomer, want het verliest snel zijn kiemkracht. Als de schermbloemen niet afgeknipt worden, zaait het kruid zichzelf uit. Ook de uitlopers rondom de grote engelwortel kunnen meestal met succes uitgezet worden.
Bewaren van grote engelwotel
Pluk de bladeren van de grote engelwortel voor de plant gaat bloeien en droog ze heel zorgvuldig in de schaduw. Pluk de stengels in de vroege zomer en rooi de wortels in het najaar van het eerste jaar. De schermen van de grote engelwortel plukken, zodra het zaad begint te rijpen en ondersteboven boven een bak drogen.
Eigenschappen van grote engelwotel
Alle delen van de plant, maar vooral de wortel, bevatten de sterk doordringend geurende angelica, die soms een ietwat erotisch, muskusachtig tintje heeft. De smaak geeft eerst een bittere en daarna een warme sensatie. De wortel bevat veel suikers.
Meer kruiden uit de schermbloemenfamilie